Rohatsu, in de aanloop naar
de verlichting van de Boeddha op 8 december

Zondag 1 december begon in alle zenkloosters en zengroepen overal in de wereld de Rohatsu O-zesshin, letterlijk: de zevendaagse meditatieperiode tijdens de Grote Koude. Die meditatieperiode zal duren tot 8 december, de dag waarop de Boeddha bij het zien van de morgenster verlicht werd en zo een gids op het aloude Pad werd, een pad dat ook wij, zo'n 2.500 jaar later, op onze beurt gaan. Het verhaal is bekend: na een heel lange zoektocht zei de Boeddha dat hij alle verstervingspraktijken stopzette, tot verbijstering van zijn medezwervers. De Boeddha begint dus letterlijk van voren af aan met de koan of onmogelijke vraag, zoals onze traditie die bij monde van Hisamatsu Shin'Ichi formuleert: "Wat ga je doen als je niets kunt doen? Als alles wat je onderneemt tot mislukken is gedoemd." Zijn antwoord was even eenvoudig als eenduidig: de Boeddha nam een bundel olifantengras en verklaarde niet meer van deze plaats te zullen wijken totdat hij volledige helderheid had over de vraag van leven en dood. Zijn meditatie begint vanuit een mislukking, vanuit een vriendelijk maar beslist 'ik weet het niet', 'ik zie het niet', maar 'ik zal niet wijken van deze plek'.

 

1. Leven en dood zijn een belangrijke zaak

Tijdens deze zwaarste meditatieperiode van het jaar wordt heel intensief gemediteerd, in navolging van de beslistheid en het totale engagement van de Boeddha. Misschien stamt dit alles uit een samoerai-achtige krijgshaftigheid of uit een macho-cultuur, maar het toont aan dat de vraag van leven en dood de inzet van alle krachten vergt. Bij het einde van elke dag van meditatie herhaalt de timekeeper trouwens met het nodige aandringen: Leven en dood zijn een belangrijke zaak. Alle dingen vergaan snel. Wees altijd aandachtig, nimmer onoplettend, nooit achteloos. Rohatsu herinnert er ons dringend aan al onze energie, onze grote hoop, ons grote geloof, maar zeker ook onze grote twijfel onvoorwaardelijk te engageren in onze praktijk.

Daarom lees ik graag de woorden die de Amerikaanse zenmeester Robert Aitken (1917-2010) elke Rohatsu opnieuw uitsprak in zijn meditatieruimte op Hawaï. Woorden van bemoediging, woorden van sterkte, ook voor ons. Ik bracht enkele kleine aanpassingen aan om zijn woorden aan te passen aan onze situatie. Hij zou het ons niet kwalijk genomen hebben:

 

"Morgen beginnen wij onze meditatieperiode om 4 uur en die zullen we voortzetten gedurende de komende 7 dagen. Het lijkt wel een droom, een droom die elke maand wordt herhaald, een droom die wordt herhaald overal waar en telkens wanneer mensen samenkomen in een sesshin. Wij zitten in deze droom met zenleerlingen overal ter wereld. Het is de droom

van de ander als geen-ander-dan-mijzelf,

• van de tijd als geen-ander-moment-dan-nu,

• van deze plaats als de plaats van het boeddha-inzicht zelf. Het hele universum concentreert zich en balt zichzelf tezamen in deze sesshin: de vogels, de regen, al wat leeft.

Al zijn de omstandigheden hier in Leuven niet zo ideaal als tijdens een formele sesshin, toch valt alles op zijn plaats. Ook al blijven de dagelijkse zorgen levensgroot aanwezig, ze begeleiden getrouw onze praktijk, zij zullen ónze praktijk zijn.

 

2. Je bagage neerzetten

Aitken vervolgt: "Ik dacht er net aan toen ik mijn bagage uitpakte, dat wij allen constant op pad zijn met hopen bagage. Ik wil mijn bagage uitpakken en ik zou u dringend willen vragen dat ook jullie je spullen zouden opbergen.

• Als je jezelf vergeet en je één wordt met de opdracht die voor je ligt, dan is dat je bevrijding.

• Als er een schitterend moment van inzicht optreedt, dan is dat prachtig maar waar het écht om gaat is de voortgezette praktijk van het eenworden met het werk van wat zich aandient.

Dan en alleen dan draai je het wiel van de Dharma, voor jezelf, voor de sangha en voor de wereld. Dogen zei het: “Zazen zelf ís de verlichting.” Iemand vroeg Aitken eens: "Welke geesteshouding moet ik aanhouden tijdens zazen?” Hij antwoordde: "een naïeve houding". Als je je goed voelt en in vrede bent met de sangha om je heen, dan is dit gewoon de tijd om te oefenen. Niets meer.

Aan het begin van elke sesshin herhaalde Yasutani Haku'un Roshi de drie grondregels voor de sesshin. Yasutani was de Japanse zenmeester door wiens toedoen de zenbeoefening buiten de bedding van kloosters en formele structuren is getreden, waardoor het ook zoveel leken in het Westen heeft kunnen aanspreken. Zijn regels waren duidelijk:

• niet spreken,

• niet rondkijken en

• geen sociaal verkeer, zelfs geen gefluisterde goedemorgen of 'hoe gaat het met je'.

Deze regels zijn gegrondvest in de volmaakte stilte van de geest, de grond waar pas volledige en volwaardige eenheid met alle zusters en broeders kan bestaan. Op die plaats, in die zuivere harmonie oefen je.

 

3. Stoppen en wachten in de hartgeest

Het woordje 'sesshin' is een veelgelaagde term waarin drie intiem verbonden soorten betekenissen worden uitgedrukt: vooreerst is er “het aanraken van de hartgeest”, dan het “ontvangen van de hartgeest” en tenslotte het “doorgeven van de hartgeest”.

Het aanraken van de hartgeest is het raken aan datgene wat niet geboren is, dat wat niet sterft; het komt niet, het gaat niet weg, het is altijd in rust. Het is oneindige leegte - lege oneindigheid - de grenzeloze Dharma die we telkens weer beloven te realiseren.

Het ontvangen van de hartgeest staat voor de openheid waarmee onze zintuigen gericht zijn naar het onderricht. Iemand hoest, een venster piept, auto's rijden voorbij, wandelaars gaan pratend voorbij ons raam, de bel gaat, de klappers geven het einde van de kinhin aan... dat alles zijn de lerende uitdrukkingen van de hartgeest - op net dezelfde manier als een Chinese zenmeester verlicht werd door de droge knal waarmee een wegspringende kei een bamboestok raakte.

En tenslotte de hartgeest doorgeven. Je geeft de hartgeest door met de totale oprechtheid waarmee je intiem aanwezig bent in je realiteit, zoals je staat en zit, eet en gaat slapen. Doe dat alles vanuit een ernstige waardigheid, een oprechtheid en een geconcentreerdheid als die van de Boeddha. Jij bent de leraar voor ons allen, jij bent de leraar voor jezelf.

 

4. Een week in je keuken, op kantoor, in de aula, in de geest van Rohatsu

Je draagt eveneens de hartgeest uit door de wijze waarop je je handelingen uitvoert. Zo zul je de anderen en ook jezelf niet verstrooien. Deze ingehouden zorgzaamheid kun je ook toepassen op de wijze waarop je een deur opent, iets eet enzovoort. Houd jezelf in, ga helemaal op in de grote vraag van leven en dood, en zo vertolk je de hartgeest.

Wij zijn lekenleerlingen van de Boeddha. De Boeddha vond dat je enkel als monnik de Zo-heid kon realiseren. Hij had ongelijk, en dat wordt bewezen door de levens van Vimalakirti, lekenbroeder P'ang, Daisetz Suzuki en die vele wijze theeverkoopsters waarvan de zentraditie wel de namen, maar niet de wijsheid vergeten is.

Net als die grote leken uit onze traditie worden wij uitgedaagd de intensieve praktijk van de monnik in te weven in ons dagelijks leven. En écht, wij zijn in het voordeel tegenover die monniken. Ons kijkt de wereld de hele dag in het gezicht. Zelfs tijdens een sesshin weten wij dat de wereld van alledag maar een gsm of sms'je van ons af ligt. Gebruik je tijd. Verspil geen seconde.

Door onze belangrijke verantwoordelijkheden tegenover ons gezin, onze studie en ons werk kunnen we enkel in gedachten deelnemen aan de sesshin van Rohatsu, die een volledige week beslaat. Toch is net dat een aanbeveling om tijdens Rohatsu zo discreet en zo aandachtig te zijn als we kunnen. Je zult ervaren dat je meditatieruimte zich zó ver uitstrekt dat ze ook je rijweg, je kantoor, je klas en je winkel omvat. Je keuken en je living, de kamer van de kinderen ... ze vallen niet buiten de ruimte van de meditatie. Gebruik elke kans die voor je ligt. Misbruik ze niet als even zovele verstrooiingen. Elke meditatieperiode is een unieke kans, haal er alles uit. Samen kunnen wij er een waarlijk vruchtbare praktijk van maken.”

 

Terug naar Home